De appelboomgaard

Borgeby-Gård

 

Kom meteen ná zonsondergang,

zie het avondgroen van de gazons;

is het niet alsof wij dat al lang

verzameld hadden, opgespaard in ons,

 

om het nu uit voelen en herinneren

van nieuwe hoop en halfvergeten vreugd,

vermengd met wat van binnen duister is,

in gedachten voor ons uit te strooien

 

onder bomen als van Dürer, die

het gewicht van honderd dagen arbeid

in de overvolle vruchten dragen,

geduldig dienend en beproevend hoe

 

dat, wat alle maat te boven gaat,

nog te heffen is en weg te geven,

als gewillig slechts en heel zijn leven

men het Ene wil en groeit en zwijgt.

 

Rainer Maria Rilke

Neue Gedichte (1908)